ADELBERT IN EGMOND

Iers/Engelse monniken, zoals Willibrordus en zijn metgezellen, landen rond 690 met een bootje op de kust om in de Lage Landen het evangelie te verkondigen. Of Sint Adelbert daar dan al bij is, staat niet vast, maar volgens de overlevering komt hij na enige omzwervingen in de omgeving van Egmond terecht. De legendes en jaartallen in het verhaal van Sint Adelbert mogen we misschien niet letterlijk nemen, maar de hem toegedichte eenvoud, beminnelijkheid en open levenshouding, spreken mensen aan tot op de dag van vandaag. Adelbert sterft en zijn volgelingen bouwen een kerkje op zijn graf in het oude Egmond op de plek die wij nu de Adelbertusakker noemen. Pelgrims komen het ‘wonderdadig’ gebeente vereren en de kerk bouwt daardoor een groot landbezit op. 

Sint Adelbert

Hallem  In het jaar 922 geeft koning Karel de Eenvoudige van West-Francië deze kerk te Egmond met al het grondbezit eromheen in leen aan Dirk I, de eerste graaf van Holland. Dit is een belangrijke gebiedsuitbreiding, alleen schijnt het rond de kerk nogal te stuiven. De bewoners van Egmond trekken geleidelijk aan anderhalve kilometer landinwaarts naar het oude Hallem. De naam Egmond verhuist dan mee en gaat over op Hallem. Egmond-Binnen heette dus vroeger Hallem.


Heilige bron  Graaf Dirk I sticht in Hallem in het jaar 922 een nieuw houten kloostertje. Met pauselijke toestemming laat hij daar het opgegraven gebeente van Sint Adelbertus overbrengen. Op de plek van het oorspronkelijke graf welt helder duinwater op en vanaf dan zijn er twee bedevaartplaatsen. De bron, die later de Adelbertusput heet, trekt van heinde en ver pelgrims aan die er genezing zoeken. 

Abdij  Dirk I laat in het kloostertje een twintigtal nonnen bidden voor het zielenheil van de grafelijke familie. De relieken van Sint Adelbert trekken vanouds veel belangstelling, maar na twee maal brand is er helaas nog maar weinig van over. Omstreeks het jaar 950 laat Dirk II, zoon van Dirk I, een stenen abdij bouwen. Omstreeks 1300 is de abdij op haar hoogtepunt en een vermaard centrum van gebed, kennis en cultuur.


Verwoesting  In 1568, aan het begin van de 80 jarige oorlog, plundert afgedankt krijgsvolk van Hendrik van Brederode de abdij. In 1572 vernielt de bende van Sonoy de bibliotheek en een jaar later steken geuzen de gebouwen in brand. Van het middeleeuwse klooster resten dan de beschadigde abdijkerk en Buurkerk. De gehavende torens zijn nog eeuwen een baken voor de scheepvaart.

De Abdij van Egmond, geschilderd door Van der Heck

Herbouw  In 1933 begint de herbouw van het klooster o.l.v. bouwmeester A.J. Kropholler, die ook het kloostermeubilair ontwerpt. In 1935 komen monniken uit Oosterhout de ‘Priorij van Sint Adelbert’ bevolken en in 1945 beginnen zij een kaarsenmakerij om in hun levensonderhoud te voorzien. Het klooster breidt steeds meer uit en de verheffing tot Benedictijner abdij is in 1950. Het karakteristieke silhouet van de abdij is in de wijde omgeving in het landschap te zien.

Relieken van Sint Adelbert   Wat nog over is van het gebeente van Sint Adelbert, is sinds 1984 opgeborgen in een perspex kistje in het hoogaltaar van de abdij. Dat heeft een lange geschiedenis, warbij het kistje eind 19e eeuw in de nieuwe Adelbertuskerk te Rinnegom en daarna in 1964 in de nieuwe Adelbertuskerk van Egmond-Binnen terechtkomt. Het gebeente wordt tenslotte teruggegeven aan de abdij waar het thuis hoort.  (Bron: Website Historisch Egmond)

Artikel over de Adelbertusput op de Adelbertusakker, uit De Katholieke Illustratie van 27 December 1922

KERK TE RINNEGOM Tegen het eind van de 18e eeuw werd het voor katholieken in Nederland niet echt meer moeilijk gemaakt om hun godsdienst openlijk te belijden. Voor hun kerkdiensten had men het in de Egmonden in de vele voorgaande jaren moeten doen met een kleine schuil-schuurkerk aan de huidige Haagdoornlaan te Egmond-Binnen, alwaar in 1784 de St. Adelbertparochie kon ontstaan. Voortvarend ging men daarna aan het werk om een echte kerk te realiseren en te Rinnegom slaagde men erin om een kleine kerk neer te zetten voor de gelovigen van de drie Egmonden. Rond 1850 was het gebouwtje te klein geworden en wist men de middelen bijeen te brengen voor een grotere en zeker zeer fraaie kerk. Deze werd in 1859 in gebruik genomen.


Aangezien het voor vele dorpelingen in de drie Egmonden niet altijd eenvoudig was om de grote afstand naar Rinnegom af te leggen, streefde men naar een eigen kerkgebouw in de eigen kern. Egmond aan Zee slaagde er in 1905 in. De katholieken van Egmond a/d Hoef behoefden ook een eigen kerk en wisten het in 1923 te realiseren. De kerk te Rinnegom bleef nu alleen over voor de inwoners van Egmond-Binnen.


De Adelbertuskerk te Rinnegom

ADELBERTUSKERK In Egmond-Binnen werd toen al veel over een eigen kerk in de dorpskern gesproken. Pas na de oorlog, ging het in veel opzichten langzaam weer beter en de wens om een eigen kerk te hebben leefde op. Het kerkgebouw te Rinnegom begon inmiddels veel ouderdomsverschijnselen en mankementen te vertonen en de tijd leek rijp om geld bijeen te garen. Pastoor van Teijlingen wist een aantal mensen zeer enthousiast te maken. Er werden veel persoonlijke giften gedaan en tal van acties werden ondernomen om de benodigde gelden bijeen te brengen.

VAN BOUW TOT SLUITING Zo werd het benodigde bedrag bijeen gebracht en nam de bouw van de kerk in 1962 een aanvang. Vele dorpelingen hielpen persoonlijk bij voor de bouw van hun kerk. Op 12 december 1964 werd het nieuwe Godshuis gewijd. De kerk te Rinnegom werd gesloten en afgebroken. De begraafplaats aldaar bleef bestaan. In 2014 werd nog het 50-jarig bestaan van de kerk gevierd, echter op zondag 25 augustus 2019 vond de laatste viering in de H. Adelbertus kerk plaats, waarna deze aan de eredienst werd onttrokken.  ( Bron: Website Bron van Levend Water )

Bouw van de Adelbertuskerk in Egmond-Binnen, door Tervoort, in 1964